ijstijdDe kleine ijstijd duurde van ongeveer 1560 tot 1860. De jaren van Marcus’ jeugd, het laatste kwart van de 17e eeuw, kenden zeer strenge winters. Je moet je die kleine ijstijd niet te zachtaardig voorstellen. Aan de noordrand van Europa, in Schotland, IJsland, Scandinavië, werden hele dorpen ontvolkt. Het was daar een ramp die wat sterftecijfers betreft heel goed te vergelijken is met de Zwarte  Dood, de pest, in de 14e eeuw.

De mensen leefden overal op een bestaansminimum. Dat wil zeggen dat een misoogst meteen ook hongersnood betekende.